"Duidingsdebat": bijdrage VVD-fractie

Verkiezingsuitslag 2018

De verkiezingen zijn achter de rug. De kiezer heeft gesproken. In Oude IJsselstreek  heeft het dit keer niet tot grote verschuivingen geleid.

Er zijn twee winnaars. Allereerst past een welgemeende felicitatie aan de fractie van Lokaal Belang. Zij heeft de toch al ruime kiezerssteun kunnen behouden, en wist nog een zetel winst te boeken. Dat maakt Lokaal Belang veruit de grootste fractie, met 40% van de zetels.

Ook onze VVD-fractie is een winnaar en heeft een zetel winst geboekt, en in aantal kiezers was de groei zelfs nog wat groter dan bij Lokaal Belang. De bescheiden groei, van twee zetels naar drie, is in eigen kring gepast gevierd en geeft ons wat meer mogelijkheden om het raadswerk te verdelen.

Waar zetelwinst wordt geboekt, leveren anderen zetels in. Dat heeft D66 en het CDA getroffen. Wij begrijpen de teleurstelling daar. Bij de laatste twee fracties, SP en PvdA, die in zeteltal gelijk bleven, zal, gezien de landelijke trend, juist niet ontevreden tegen de uitslag worden aangekeken.

Analyse

Vanuit de positie van de VVD wordt de verkiezingsuitslag gezien als een blijk van steun en vertrouwen voor het beleid en bestuur van het inmiddels demissionaire college en de daarmee in een coalitie verbonden fracties. 

De ingeslagen weg wordt gekenmerkt door een degelijke financiële koers, een stabiele en professionele bestuursstijl, met ruimte voor hernieuwde inzet op burgerparticipatie en een gerichtheid op samenwerking in plaats van een sterk politiek gekleurde discussie. Klaarblijkelijk wordt dit door de kiezer gewaardeerd.

Lokaal Belang zal, als grootste partij, ook de volgende vier jaar verantwoordelijkheid moeten dragen. Een coalitie zonder Lokaal Belang zou weliswaar rekenkundig mogelijk zijn, maar is, gezien de verkiezingsuitslag, politiek onwenselijk en ondenkbaar. 

Een coalitie van Lokaal Belang met één willekeurige andere partij kan, met uitzondering van D66, rekenkundig op een meerderheid rekenen. De VVD acht voor een stabiele situatie een bredere coalitie van drie partijen wenselijk.

Wenselijke elementen voor een nieuwe coalitie

De VVD meent dat het bestaande coalitieakkoord, met name de financiële doctrine t.a.v. een sluitende begroting en terugdringing van de schuldenlast, als uitgangspunt voor het komende collegeprogramma kan dienen. 

Daarnaast moet er ruimte zijn om nieuwe beleidsdoelen te formuleren op basis van de gedachte dat “morgen” niet gelijk is aan “vandaag+1”. Door de burgemeester en de gemeentesecretaris is gewerkt aan een systematisch ingerichte opstelling van de actuele opgaven en mogelijkheden. Dat kan daar goed bij helpen.

We zullen moeten spreken over een verstandige herijking van het woningbouwbeleid, een intensivering van het beleid omtrent duurzaamheid en energietransitie en het uitleggen van de rode loper voor ondernemingen. Niet alleen voor de geavanceerde maakindustrie, maar ook voor ondernemers uit recreatie en toerisme. Daarnaast moeten we zien hoe we bereiken dat we een positieve en vooraanstaande rol in de regionale samenwerking gaan spelen.

De uitdagingen binnen het sociaal domein waren groot, en zullen dat de komende periode blijven. De op langere termijn zekere groei van de zorgvraag, bij een gelijkblijvend of krimpend budget, is misschien wel de grootste van die uitdagingen. Dat vraagt een beleid met een nadruk op efficiency, kwaliteitsbewustzijn en het lef om bureaucratie en verspilling aan te pakken.

De verkiezingsuitslag geeft ons ook de plicht om onze inwoners nauwer te betrekken bij hun directe woon- en leefomgeving. Dat is weliswaar een wens die alle fracties zullen ondersteunen, maar het probleem zit hem in het concretiseren daarvan. Daarom is dat een element dat tijdens de coalitievorming aandacht vraagt. De invulling van de omgevingsvisie, die veel breder is dan alleen die directe woon- en leefomgeving, kan die betrokkenheid groter maken en tegelijkertijd het draagvlak voor ontwikkelingen die één kern of zelfs onze gemeente overstijgen, vergroten.

Het nieuwe college moet oog hebben voor de mogelijkheden die het Interbestuurlijk Programma (IBP) op basis van het Haagse regeerakkoord biedt en de middelen die daardoor beschikbaar komen smart aanwenden. Klimaat, wonen, regionale economie, vitaal platteland, sociaal domein, migratie, problematische schulden en goed openbaar bestuur zijn immers bij uitstek opgaven waarbij alle overheden een cruciale rol hebben. Daar zullen we wel wat voor moeten doen.

De VVD kiest voor een collegeprogramma en niet voor een raadsprogramma. Het is wel wenselijk dat, zowel in de beginfase van de informatie als op het moment dat een concept-tekst wordt besproken, die fracties die niet direct bij de coalitievorming betrokken zijn, worden uitgenodigd om een eigen inbreng te leveren, die dan wel binnen de gestelde en te handhaven financiële kaders moet blijven.

Samenwerking

De VVD-fractie sluit geen enkele andere fractie uit, mits er uiteraard basis is voor programmatische overeenstemming.

Nu continuïteit van het gevoerde beleid door de kiezer lijkt te zijn gewenst, ligt niet direct voor de hand die fracties die daartegen een straffe oppositie hebben gevoerd en in hun programma voor koerswijziging pleiten, als eerste te vragen de voortzetting van het bestaande beleid te onderschrijven.

De VVD meent dat op basis van de verkiezingsuitslag en de overeenkomsten in de verkiezingsprogramma’s, als eerste, onderzocht dient te worden of er voor voortzetting van de bestaande coalitie van Lokaal Belang, CDA en VVD voldoende draagvlak bestaat en inhoudelijke overeenstemming is te bereiken.


Gendringen, 5 april 2018

Gemeenteraadsfractie VVD